Het werk van de in Los Angeles gebaseerde kunstenaar Morgan Fisher (US , 1942) bevindt zich op het snijpunt van avant-garde, hedendaagse kunsten en de commerciële filmindustrie. Zijn 16mm films zijn uitgekiende en speelse ontledingen van het filmapparatus, de filmische materie en de cinematografische productiemethodes: van het gebruik van productiestills, de narratieve rol van inserts en de onzichtbare rol van de projectionist tot het belang van het ‘standard gauge’ formaat (35mm). Een van de doelstellingen van zijn werk is naar eigen zeggen “het onderzoeken van een eigenschap of kwaliteit van een film op een radicale manier. Radicaal zijn is een bescheiden vorm van extremiteit.” Elk van zijn films peilt naar een axioma van cinema en stelt de vraag: “wat als?” Fisher, die onder zijn invloeden kunstenaars zoals Sol LeWitt, Marcel Duchamp en Ad Reinhardt rekent, gebruikt avant-garde strategieën om commentaar te geven op de mainstream cinema. Omdat zijn werk zich niet in de conventionele avant-garde categorieën laat wringen, is het dan ook lange tijd onder de radar gebleven - te betrokken bij de industrie voor de ‘underground’ en te minimaal en conceptueel voor de smaak van Hollywood. Sinds kort krijgt zijn werk de zichtbaarheid die het verdient, getuige retrospectieven in Tate Modern en het Whitney museum.
Op het Courtisane festival presenteert Morgan Fisher een selectie van films die hij maakte tussen 1968 en 1976. De meesten daarvan worden voor het eerst in België vertoond. Twee van zijn latere werken, Standard Gauge en ( ) worden vertoond in het kader van de HISK masterclass, op dinsdag 23 maart.
Courtisane geeft Fisher ook carte blanche om een selectie films van andere filmmakers te vertonen.
ZA 20.03 20:00 - FILM-PLATEAU
PART 1
The Director and His Actor Look at Footage Showing Preparations for an Unmade Film (2)
US, 1968, 16mm, b&w, sound, 15’
“De eerste scene is lipsynchroon, maar de rest van de dialoog is gesproken door mensen buiten beeld. Het relateert de commentaar van de twee mensen die de film bekijken. Er wordt niets baanbrekends gezegd; het gaat grotendeels over herkenning en geheugen - hoe het gezegd wordt, is belangrijk - niet wat gezegd wordt.” (MF)
Documentary Footage
US, 1968, 16mm, colour, sound, 11’
“Natuurlijkheid opzettelijk aangetast door onontkoombaar zelfbewustzijn, onbedoeld aangetast door onvermijdelijke natuurlijkheid, een rol gespeeld met ongelooflijke nuance en complexiteit door Maurine Connor”. (Mark Toscano)
Phi Phenomenon
US, 1968, 16mm, b&w, silent, 11’
Het phi-fenomeen is een perceptuele illusie (beschreven door Max Wertheimer in 1912) waarbij een opeenvolging van stilstaande beelden een perceptie van beweging produceert. “Phi Phenomenon is verbazingwekkend net omdat het onderwerp zo alom bekend is, en het fascineert me omdat het een film is waarin er beweging is maar geen zichtbare beweging.” (Thom Andersen)
Production Stils
US, 1970, 16mm, colour, sound, 11’
“Een documentaire over niks anders dan zichzelf; technici worden acteurs, apparaten worden props; de realiteit die door de film wordt geregistreerd bestaat enkel voor de duur van de film. De soundtrack bestaat uit het gemompel en gepraat van de crew tijdens de productie. Op geen enkel moment lipsychroon.” (MF)
Picture and Sound Rushes
US, 1973, 16mm, b&w, sound, 11’
“Deze film neemt de vorm aan van een lezing waarin Fisher met droge humor de verschillende permutaties van klank/ stilte en beeld/geen beeld beschrijft. Deze posities worden gedemonstreerd in de montage, die is georganiseerd volgens een strikt schema (bepaald door het delen van een filmrol door het aantal mogelijke combinaties), zonder mededogen voor het publiek dat tevergeefs de dialoog probeert te volgen.” (Mark Webber)
Cue Rolls
US, 1974, 16mm, colour, sound, 5’30”
“Cue Rolls lijkt een continu shot van vijf en een halve minuten. Het visuele subject is een synchronisator waardoor constant vier stroken van zwart-witte leader lopen. Op de klankband wordt duidelijk dat Fisher wat ooit een standaardpraktijk was in de industrie (voor het maken van kleurcorrecties en andere aanpassingen vooraleer definitieve prints werden bereid) heeft toegepast op een situatie waarin het volledig irrelevant lijkt.” (Scott MacDonald)
Projection Instructions
US, 1976, 16mm, b&w, sound, 4’
“De projectionist is niet langer het medium om de performances van de acteurs over te brengen naar het publiek; de projectionist is een performer die, volgens Fisher’s instructies (of, in zekere zin, de instructies van de film zelf) kordaat een demonstratie geeft (of daarbij faalt) van de verschillende dimensies van de kijkervaring die gecontroleerd worden vanuit de projectiekabine”. (Scott MacDonald)
PART 2: CARTE BLANCHE TO MORGAN FISHER
Samengesteld door Morgan Fisher
Love Hospital Trailer
Chris Langdon, US, ca.1975, 16mm, color, sound, 3'
“The existence of good bad literature – the fact that one can be amused or excited or even moved by a book that one's intellect simply refuses to take seriously – is a reminder that art is not the same thing as cerebration.” (George Orwell, quoted here without the permission of the filmmaker)
The Last Interview With P. Passolini
Chris Langdon, US, 1975, 16mm, b/w, sound, 6'
“I've never wanted to make a conclusive statement. I've always posed various problems and left them open to consideration.” (Pier Paolo Pasolini) Revisionist history? Wish fulfillment? Mockery? Homage? Outrage? Effigy? Satire? Art assassination? “Non capisco.” (P. Passolini)
De uitdagende en verrassende films van Chris Langdon hebben recent een welgekomen terugkeer naar het grote scherm gemaakt, nadat ze jarenlang uit circulatie waren verdwenen. Langdon, eertijds student van Pat O’Neill, Robert Nelson en John Baldessari, was ongelooflijk productief, wat resulteerde in een uitgestrekt oeuvre van schilderijen, beeldhouwwerken, films, foto’s en grafisch werk. Haar legendarisch filmwerk, gemaakt tussen 1972 en ’76, brengt een brutale en grappige mix van wat men als ‘high’ en ‘low’ bestempelt. Haar films, nooit zwaar op de hand of nodeloos cryptisch, zijn direct, op vormelijk vlak uniek en vol intuïtieve flair en wilde humor; ze zijn verleidelijk in hun provocatie, niet enkel van kunstproductie maar ook van onze perceptie van kunst, en de inherente betekenisgeving. “Chris Langdon is de eerste ‘punk’ filmmaker en de belangrijkste onbekende filmmaker in de geschiedenis van de Los Angeles avant-garde.” (Thom Andersen)
Kiss of Death
Klaus Wyborny, DE, 1974, Super 8 on video, colour, silent, 4’
En compacte versie van Henry Hathaway’s gelijknamige film uit 1947, herfilmd met een Super 8 camera tijdens een televisie-uitzending in 1973. Er zijn 4 of 5 beelden van elk shot genomen, zodat de narratieve montagestrategieën van de hele film zichtbaar worden binnen een tijdspanne van 4 minuten. ”Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in narrativiteit. Mijn cinema heeft te maken met het rekken van de verhaallijn tot het bezwijkt. Het gaat me vooral om de structuren, om wat ze met de geest doen. Ik analyseer de tijdsstructuren terwijl ik er tegelijk blijf aan bouwen. Het is niet structuur op zich die me interesseert, enkel bepaalde specifieke gevallen die ik op verschillende manieren probeer te analyseren.” (KW)
Unsere Afrikareise
Peter Kubelka, AT, 1966, 16mm, colour, sound, 13’
In 1961 werd Kubelka ingehuurd om de Afrikaanse safari van een aantal Europese toeristen te documenteren. Naderhand kaapte hij het filmmateriaal en monteerde het tot een analyse van de verschillende dimensies van geweld in de jacht, de blik van de jagers en de film zelf. De fragmentaire en asynchrone montage van beeld en klank genereert een veelheid van associaties en metaforische betekenissen. “Voor mij is Afrikareise, in zijn eigen genre, de meest intense klankfilm die er bestaat. Klank en beeld zijn in synch zoals in de natuur (zelfs al gaat het helemaal niet over het natuurlijke geluid van iets). De klank wordt het akoestisch portret van de visuele acties.” (PK)
--- ------- (AKA Short Line Long Line)
Thom Andersen & Malcolm Brodwick, US, 1966-67, 16mm, colour, sound, 11’
“Deze film is volgens mij baanbrekend als demonstratie van de kracht van een regel om een film te construeren die een eenheid brengt in shots die op verschillende plaatsen en tijdstippen zijn genomen. De film is ook noemenswaardig voor het nieuwe model van documentaire die het voorstelt. Door zijn werk te omschrijven als een parodie van montage, is Thom te bescheiden, of eerder opzettelijk misleidend. De briljantheid van --- ------- is dat het een afwijzing vormt van de macht van montage als het idee zoals het conventioneel wordt begrepen, om zijn kracht te herontdekken in een andere vorm, op een nieuw niveau.” (Morgan Fisher)
Ein Bild
Harun Farocki, DE, 1983, 16mm, colour, sound, 25’
“Mijn film ontleent zijn materiaal aan een situatie waarbij vier dagen lang wordt gewerkt aan een beeld dat gepubliceerd zal worden als centerfold in het Playboy magazine. De naakte vrouw op de foto is als een zon waar een heel stelsel rond wentelt: cultuur, business, leven! (Je kunt niet kijken of filmen in de zon). Men kan zich inbeelden dat mensen die een beeld met zo’n gravitatiekracht produceren, een ijver, sérieux en verantwoordelijkheidszin aan de dag leggen alsof ze uranium moeten splijten. Printbedrijven en publishers, de advertentiewereld, hotels en clubs, galactische stelsels van miljoenen dollars: vandaag cirkelt een complete commerciële kosmos rond het naakte meisje. Elke maand wordt een nieuw meisje in het middelpunt geplaatst. Een enkel punt heeft geen dimensie en is onzichtbaar. Dat is wat we hebben gefilmd.” (HF)
Einleitung zu Arnold Schoenbergs Begleit musik zu einer Lichtspielscene
Daniele Huillet, Jean-Marie Straub, DE/FR, 1972, 16mm on video, colour, sound, 17’
In de partituren van zijn drama’s en opera’s beschreef Arnold Schönberg minitieus wat en hoe alles op toneel moest gebeuren. Maar de score van Belgleitmusik zu einer Lichtspielscene (1929-1930) bestaat uit slechts vier woorden: “bedreigend, gevaar, angst, catastrofe”. De interpretatie van Straub en Huillet richt zich op Schönberg’s ongerustheid jegens het oprukkende antisemitisme, dat uiteindelijk in alle hevigheid zou uitbarsten tijdens WO II. Er wordt geciteerd uit een reeks brieven die hij schreef naar Kandinsky (1923) en een toespraak van Brecht (1935). “Voor Straub en Huillet was het nazisme een centrale gebeurtenis. Maar in hun films gebruiken ze nooit beelden die zijn genomen van binnen het nazisme. Waarom? Misschien omdat ze overtuigd zijn dat het de verantwoordelijkheid is van een kunstenaar om zelf een actueel en gewaagd beeld te creëren van zijn antinazisme eerder dan beelden van nazi-cameramannen te gebruiken in zogenaamde ‘kritische’ en ‘afstandelijke’ montages.” (Serge Daney)
EXTRA: MORGAN FISHER MASTERCLASS
DI 23.03 14:00 - 17:30, Gratis
HISK, in collaboration with KASK
Charles De Kerckhovelaan 187a, 9000 Gent
info: www.kask.be / www.hisk.edu
registration: isabel [dot] devriendt [at] hisk [dot] edu