Een nieuwe ‘volgorde’ van recente films van Robert Beavers (Courtisane Artist in Focus 2011). Bij Beavers doorkruisen de montage van een film en de opname van een volgende elkaar vaak, wat resulteert in een oneindige kringloop van kijken, filmen en leven. Zoals hij zelf zegt, “A continuity develops for the filmmaker between the physical structure of the medium and each action involved in the filming, whether simple or complex and this bodily sense is extended in other ways during the editing.” Het programma bevat twee nieuwe films, Among The Eucalyptuses (voorgesteld op de Whitney Biënnale in 2017) en “Der Klang, die Welt…”.
In the presence of Robert Beavers.
Robert Beavers gaat in gesprek met studenten van de KASK mediakunstopleiding op VR 30 maart.
MASTERCLASS KASK / School of Arts
In collaboration with KASK media arts department.
“… De schaduwen spelen een essentiële rol in de mixtuur van eenzaamheid en vrede die hier heerst. De seizoenen schuiven van de tuin in het huis en projecteren rijke diagonalen in de vroege morgen of late middag. Elke schaduw is een subtiele balans van stilte en beweging; het toont de vitale onstabiliteit van ruimte. Zijn bijzondere kwaliteit opent een doorgang naar het subjectieve; een stem in de film spreekt het geheugen aan. De muren zijn schermen waarlangs ik toetreed tot de bewoonde privacy. We ervaren een plaats door het perspectief vanwaar we komen en horen een andermans stem door onze eigen akoestiek. Het gevoel van plaats is nooit gescheiden van het moment.” (RB)
“Rust in de late namiddag en een stille figuur zittend op een bank; de oude fabrieken en machines, magazijnen en spoorlijnen zijn deel van een Griekenland dat verdwijnt.” (RB)
“Het leven van een geluid moet het filmframe bewonen,” schreef Robert Beavers in een van zijn vele notitieboekjes. Van alle verbazingwekkende films in zijn buitengewone oeuvre evoceert Listening to the Space in My Room het leven van geluiden misschien wel op de meest sprekende manier. Tussen 2002 en 2012 woonde Beavers op de benedenverdieping van een oud huis in Zumikon, een rustige gemeente in Zurich, onder zijn huisbazen, Cécile en Dieter Staehelin, respectievelijk een gepensioneerde dokter en een cellist. Deze film is een lyrische ode aan de Staehelins en aan het leven in een ruimte die ze lange tijd hebben gedeeld, maar ook een verkenning van resonantie als een akoestische eigenheid van een ruimte, waarbij geluid en ruimte via het element tijd worden verbonden. Doorheen de film articuleert Beavers zones van doorlaatbaarheid — tussen verdiepingen, tussen tuin en interieur, tussen subjectiviteiten. Cello’s en vogelgezang voegen zich bij krakende vloerplanken en gedempte voetstappen en gesprekken, en dragen bij aan de beschouwing over de akoestiek van een gedeelde woonruimte. “Ongeveer halverwege de film wordt het geluid van regen eerst geïntroduceerd met zwarte leader en het begeleidt daarna een camerabeweging terwijl de regen in de tuin op grote bladeren valt. Deze rijke en complexe soundscape ademt leven en straalt een kwaliteit uit die de soundtrack naar buiten opent — naar dat wat traditioneel buiten de muziek ligt (noise) en naar de wereld buiten de visuele ruimte van film.” (Luke Fowler)
“Imagine someone boiling down all the impermanent sensations, routines, memories, and emotions that make a home a home into an intensely flavorful reduction, and you begin to understand Beavers’ stunning film. He and his housemates are crystallized at work: the camera sways with the hands of an older man bowing his cello; observes an older woman tending her garden from inside the darkened house; mirrors Beavers himself examining individual frames of film to stage his somatic cuts. The intricately interlaid tracks of sound and image do not abide any standard measure of continuity, and yet there’s something immediately comprehensible in this exquisitely tuned song of the body in space.” (Max Goldberg)
““Der Klang, die Welt…” is gefilmd op dezelfde plaats als Listening to the Space in My Room, maar nu horen we Dieter Staehelin spreken over het belang van muziek in zijn leven, en we vergezellen hem en Cécile Staehelin bij het spelen van een Arabesque van Bohuslav Martinů. Terwijl ze spelen draaide ik de lens op sommige momenten naar wit, een open diafragma.” (RB)



