Undercurrents 9 - Swan Songs
Fri 3 April 2026 - 14:00
ARCA

De uitdrukking ‘zwanenzang’ komt — zo blijkt — voort uit een combinatie van onjuiste projecties. Een zwaan is niet stil, en ze zingt evenmin voor haar dood. Door hun uitzonderlijke spanwijdte — een van de grootste onder alle vliegende soorten — maken zwanen niet alleen geluid met hun snavel, maar bij het opstijgen ook met hun vleugels. Zelfs de zogenoemde ‘mute swan’ (Cygnus olor) is in werkelijkheid niet stom; ze dankt haar naam enkel aan het feit dat ze stiller is dan andere zwanen. Zwanen, afkomstig uit Eurazië, zijn een oeroude diersoort die de westerse verbeelding al eeuwenlang in haar greep houdt: Het Zwanenmeer, Jan Asselijns De bedreigde zwaan… en natuurlijk Aristoteles’ onjuiste bewering dat zwanen hun eerste en laatste lied zingen vlak voor ze sterven — een metafoor waarmee hij het laatste werk van een kunstenaar als het grootste omschreef. Het is echter waarschijnlijker dat het ‘lied’ dat Aristoteles hoorde een alarmroep was, bedoeld om andere zwanen te waarschuwen voor de aanwezigheid van een roofdier: een daad van generositeit en onbaatzuchtigheid.

Het programma bestaat uit drie films: mijn eigen werk, Morgenkreis, omkaderd door twee indrukwekkende films die ik dit jaar op festivals heb gezien: Merrimundi van Niles Atallah (op de 30ste Internationale Kurzfilmtage in Winterthur) en Slet 1988 van Marta Popivoda (op het 14e Avant-Garde Filmfestival in Athene). Deze filmische ontmoetingen speelden zich af tijdens het langzame diminuendo van een wereld die ik dood had verklaard. Ze volgden op een tumultueuze en verpletterende periode waarin grote stukken van de culturele sector — waaronder ook intieme en langdurige contacten — niet bereid bleken om Palestijns verzet te verdedigen (of zelfs te verdragen) in het licht van de aanhoudende etnische zuivering en genocide. Onder deze omstandigheden werk blijven maken is alleen mogelijk als anderen dat ook blijven doen. Deze films hielpen me herinneren dat cinema niet voor plaatsen wordt gemaakt, maar voor mensen. Dat rechten toebehoren aan mensen, niet aan staten. En dat er, in een wereld die op betekenisloosheid lijkt af te stormen, nog steeds makers zijn die prachtige, structureel krachtige beeldpoëzie creëren.

Wat Slet 1988 met Morgenkreis verbindt, is de manier waarop de stervende wereld onze intieme ruimtes omlijst. In Slet 1988 vindt het fragiele lichaam van een danser de kracht om een brute ineenstorting te overleven, tegen de achtergrond van de socialistisch-modernistische architectuur van voormalig Joegoslavië. Diezelfde architectuur sijpelt door in het travelling shot waarmee Morgenkreis opent. Op beide plekken is de architectuur obsoleet geworden — in contrast met de lichamen die verder leven, binnen en voorbij hun ideologische betekenis. Merrimundi dompelt ons onder in een wereld die het zelf heeft geschapen — met een halfvergane pop als symbool van regeneratie en hoop. Hier is het de taal die door het zingen overbodig wordt gemaakt. We worden er meegenomen naar de volgende wereld, en die daarna — met zowel geweeklaag als vreugde bij het achterlaten van de onze. Wat mij betreft zijn dit onze zwanenzangen. (Basma al-Sharif)

 

In the presence of Marta Popivoda
Curated by Basma al-Sharif

Slet 1988
Marta Popivoda, 2025, DE / FR / RS, digital, Serbo-Croatian spoken, English subtitles, 22'

In Slet 1988 beweegt danser Sonja Vukićević zich door de utopische architectuur van het socialistische modernisme. Haar lichaam is een archief van de laatste massaperformance in Joegoslavië — haar gebaren dragen de echo’s van oude ritmes en huidige werkelijkheden. Vervlochten met het dagboek van een tienermeisje uit 1988, laten ze zien hoe collectivisme stilaan plaatsmaakt voor een opkomend individualisme, terwijl een nieuw nationaal collectief binnensluipt — klaar om de toekomst van het land vorm te geven.

Morgenkreis (Morning Circle)
Basma al-Sharif, 2025, CA / AE, digital, German, Armenian & Arabic spoken, English subtitles, 20'

Morning Circle dwaalt door de straten van de oude Oost-Berlijnse buurten en brengt zo het onstabiele affectieve terrein van isolatie en verdrijving, assimilatie en onderdrukking in kaart. In Basma al-Sharifs film staan de bureaucratische neerbuigendheid en gewelddadigheid van een verblijfsinterview naast huiselijke scènes met een vader en zijn jonge zoon. De film duikt onder het gladde, grijze oppervlak van West-Europa, waar het verlies en de zinderende spanningen van een bannelingenleven zich aftekenen. (NYFF)

Merrimundi
Niles Atallah, 2025, CL, digital, Latin & other languages, English subtitles, 21'

Een verwrongen utopie openbaart zich, terwijl zingende cherubijnen wegsmelten op het geluid van verval. Gemaakt door een voelende machine uit de toekomst, ontsluiert de film zijn eigen versie van het paradijs.

In een tijdperk versuft door algoritmische eenvormigheid omarmt Merrimundi chaos als verzet. De film spreekt via wanorde en verbeeldt de wilde transformatie van de mensheid. Het is geen ontsnapping, maar een opstandige verbeelding. Deze film is een vuurpijl in het onbekende en verdedigt het rommelige, poëtische recht om buiten alle conformiteit te dromen.