“Thuis, een relatie voor het leven.” De woorden flitsen in een oogwenk voorbij, maar ze voelen meteen herkenbaar en vertrouwd. Ze staan gedrukt op een reclamebord voor gloednieuwe hoogbouwappartementen op een verafgelegen plek. Maar we hadden ze net zo goed vlakbij kunnen aantreffen. Er zijn maar weinig woorden die zo’n universele aantrekkingskracht lijken te hebben als ‘thuis’. Van alle ankers die ons een gevoel van stabiliteit en be trouwbaarheid geven te midden van de eindeloze golven van intensiteit en contingentie die ons voortdurend dreigen te overweldigen, is het idee van ‘thuis’ misschien wel waar we het meest aan gehecht zijn. Maar zoals alle vormen van hechting is ook deze niet alleen doordrongen van verlangen en fantasie, maar ook beladen met tegenstrijdigheden en ambivalenties. Om daarmee om te gaan, vertrouwen we vaak op conventies en instellingen: horizonten van vervulde identiteit en normatieve verwachtingen waaraan we ons leven afmeten. Maar wat als ons welzijn ingeperkt wordt door deze van ideologie doordrenkte conventies en instellingen? Wat als we ze als te generiek, reductionistisch of zelfs onderdrukkend ervaren? Wat is er nodig om ‘thuis’ en het leven dat we daarrond bouwen opnieuw vorm te geven op manieren die we ons nog niet kunnen voorstellen?
De vraag naar thuis loopt als een rode draad door het festivalprogramma. In tegenstelling tot de gangbare opvatting van thuis als een ruimte die gevrijwaard is van beweging of verschil, onderzoeken de films in Measures of Distances hoe beweging wordt ervaren in relatie tot thuis, en hoe thuis wordt gevormd in relatie tot de geschiedenis van individuele en collectieve beweging. In The World I Left Will Not Leave Me wordt het beeld van thuis als een bevoorrechte safe space of frictieloos toevluchtsoord in twijfel getrokken vanuit een transklasse perspectief, waarin een terugkeer naar huis gekenmerkt wordt door vervreemding of onthechting. Elders in het programma, in de films van Razan AlSalah, Basma al-Sharif, Ahmad Natche en anderen, worden ballingschap en ontheemding een lens waardoor de ervaring van thuis wordt onderzocht en gevormd in zijn afwezigheid.
Voor velen fungeert ‘thuis’ als een plaatshouder voor narratieven van toebehoren — de plek bij uitstek die een levensverhaal aanreikt dat een toekomst belooft. Maar net als elk verhaal dat geleefd kan worden, heeft zo’n narratief een wereld nodig die het in stand kan houden. Verschillende films in dit festivalprogramma zoomen in op de groeiende spanningen tussen thuis en wereld, en de worsteling om vast te houden aan de denkbeelden die ons leven structuur geven, zelfs als de wereld ze keer op keer niet waar blijkt te maken. Maar ze wijzen ook op de perspectieven die zich openen wanneer we de mogelijkheden van het leven weigeren te reduceren tot één scenario, en beginnen te improviseren op het ‘normale’ leven van geleefde verlangens. In tegenstelling tot wie bang is voor de instabiliteit van privileges en ‘thuis’ beschouwt als een plek van eenvormigheid, bevragen de films in dit programma de narratieven die geworteld zijn in raciale, religieuze, klasse- en nationale monocultuur. Meer dan wat ook vragen ze ons: wat zou er gebeuren als de energie die maar al te vaak naar het creëren van beperkte versies van thuis en identiteit vloeit, zou worden omgeleid naar weidsere en meer vrijgevige manieren van samenleven?
Festival image: Marthe Peters (Henry is a girl who likes to sleep), Marva Nabili (The Sealed Soil, © Venera Films), Karim Aïnouz (Mariner of the Mountains)



